Marie Hilao-Enriquez van KARAPATAN voorgedragen
voor de Tulip Award 2009
voor de verdediging van de mensenrechten

Persbericht
16 september 2009

Algemeen secretaris Amaryllis “Marie” Hilao-Enriquez van KARAPATAN is voorgedragen voor de Tulip Award 2009 voor de verdediging van de mensenrechten. De prijs, een initiatief van de Nederlandse regering, wordt op 9 november 2009 uitgereikt door de Nederlandse minister van buitenlandse zaken in de Ridderzaal in Den Haag.marie-1Marie Hilao-Enriquez spreekt een vergadering van Filippijnse migranten in Nederland toe.

De nominatie van Enriquez is geïnitieerd door o.a. Ties Prakken (een prominent Nederlands advocaat en Hoogleraar Emeritus aan de Universiteit van Maastricht), Judy M. Taguiwalo (hoofd Faculteit en hoogleraar aan de University of the Philippines) en twee mensenrechtenorganisaties (Desaparecidos en Hustisya!) die de familieleden vertegenwoordigen van hen, die het slachtoffer zijn geworden van ontvoering en buitengerechtelijke moord, gepleegd door handlangers van de Filippijnse regering.

Dit jaar zijn 116 strijders voor de mensenrechten genomineerd voor de Tulip Award, de meest belangrijke prijs die in Nederland wordt uitgereikt aan hen die de mensenrechten verdedigen.

De Tulip Award

De Nederlandse regering heeft de Tulip Award in het leven geroepen als een teken van erkenning van mensen die hun uitzonderlijke morele moed tonen bij het verdedigen en bevorderen van de mensenrechten. De prijs benadrukt dat de Nederlandse regering zich onvoorwaardelijk verbindt aan de mensenrechtenkwestie.

“Strijders voor de mensenrechten moeten hun werk goed en veilig kunnen uitvoeren. Helaas hebben zij vaak te maken met bedreigingen en worden zij het doel van hen die de mensenrechten schenden. De Tulip Award haalt hen uit de anonimiteit. Daarom ziet de Nederlandse regering deze prijs als uitermate belangrijk”, legt de Nederlandse minister van buitenlandse zaken, Maxime Verhagen, uit.

Tita Marie’s verbondenheid met de mensenrechten

Amaryllis Hilao-Enriquez wordt door familie en vrienden van slachtoffers van mensenrechtenschendingen met de koosnaam Tita (tante) Marie aangesproken. Zij verdient die koosnaam omdat zij hen als haar eigen familie behandelt en hen bijstaat daar waar niemand het uit angst voor hen op durft te nemen.

“Een jaar en negen maanden heb ik in de gevangenis doorgebracht. Mijn oudste kind is in de gevangenis geboren en ik weet wat het betekent om mishandeld en van je rechten beroofd te worden. En ik wens het niemand toe, noch Filipino’s, noch anderen, te moeten ondergaan wat ik in deze donkere dagen heb meegemaakt,” zei Enriquez in een interview.

“Marie verdient de Tulip Award,” zegt Theo Droog, voorzitter van de Nederlands-Filippijnse Solidariteitsbeweging (NFS). “Tientallen jaren al verdedigt zij met veel moed en zichzelf wegcijferend de slachtoffers en vertegenwoordigt zij de familieleden van slachtoffers van mensenrechtenschendingen. Zij is een van de leidende figuren in de strijd voor de mensenrechten in de Filippijnen geworden.”

marie-2Marie Hilao-Enriquez, Algemeen Secretaris, KARAPATAN, bij de hoorzitting van het subcommittee for East Asian and Pacific affairs, het comité voor externe relaties van de Senaat van het 110de Congres, Washington DC op 14 maart 2007

“Zij weet wat het is om slachtoffer te zijn. Haar huis werd in 1974 door soldaten binnengevallen. Zij werd als een misdadiger opgejaagd, onterecht gearresteerd, gevangen gehouden en mishandeld. Haar echtgenoot, een broer en haar oudste zus, Liliosa, werden ook gevangen genomen en mishandeld. Tijdens haar gevangenschap werd Liliosa verkracht en gedwongen zoutzuur te drinken, waaraan zij dood is gegaan,” vertelt Droog.

Ondanks sterk forensisch bewijs en ooggetuigen verslagen, beweerden de militairen dat Liliosa Hilao zelfmoord heeft gepleegd.

Na haar vrijlating in 1976 ziet Enriquez het als haar plicht slachtoffers van mensenrechtenschendingen in de Filippijnen te verdedigen en hun familieleden te vertegenwoordigen. In 1986 hebben Enriquez en 10.000 andere slachtoffers van mensenrechtenschendingen, die tijdens het bewind van president Marcos zijn gepleegd, een proces tegen Marcos aangespannen bij een Amerikaanse rechtbank in Hawaï. In 1994 hebben de slachtoffers deze zaak gewonnen.

Als algemeen secretaris van KARAPATAN, de leidende mensenrechtenorganisatie in de Filippijnen, geeft Marie Hilao-Enriquez nog steeds leiding aan onderzoeksmissies. Zij geeft ook lezingen in het buitenland over de mensenrechtensituatie in de Filippijnen. Zij heeft een getuigenis over de mensenrechtensituatie tijdens het bewind van Gloria Macapagal-Arroyo afgelegd voor de mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties, voor Amnesty International en voor de Tweede Zitting voor de Filippijnen van de in Italië opgerichte Permanent Peoples’ Tribunal die in maart 2007 in Den Haag werd gehouden.

In een rapport van KARAPATAN van 2008 staan 991 slachtoffers van buitenrechtelijke moord, 201 verdwijningen, 1.010 gevallen van mishandeling en 1.852 gevallen van onwettelijke arrestaties en gevangenneming tussen januari 2001 en 31 december 2008 gedocumenteerd.

Tot vandaag zet Amaryllis Hilao-Enriquez – Tita Marie zoals de mensen haar noemen – haar werk als verdediger van de mensenrechten in de Filippijnen voort.


Voor meer informatie:

Theo Droog (email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. ) or
Jun Saturay (email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. or call +31622127186)