Mohamadiya Hamja

Ik ben Mohamadiya Hamja, 51 jaar, getrouwd en drie kinderen. Ik zit gevangen in de Basilan Regionale Gevangenis. Ik ben visser.

Mijn beproevingen begonnen toen voormalig president Gloria Macapagal-Arroyo (GMA) in juli 2001 een “staat van wetteloosheid” uitriep in Basilan, na een vermeende reeks aanvallen door de Abu Sayaff Group (ASG) in de provincies Basilan, Sulu, Palawan en Sipadan in 2000. De verklaring van GMA was het startschot voor de politie en het leger om mogelijke ASG leden en aanhangers te arresteren. Maar de meesten van de gearresteerden waren onschuldige burgers. Er waren verschillende golven van arrestaties. Sommige gearresteerden werden gevangen gezet in de Basilan Regionale Gevangenis en 73 werden opgesloten in Kamp Bagong Diwa in Bicutan. Daar was ik er een van.

Eerst werd ik beschuldigd van het ontvoeren van 52 leraren en studenten in maart 2000 in Basilan. Om die reden werd ik gevangen gezet in Kamp Bagong Diwa. Toen de zaak voorkwam, werden er zo’n 60 getuigen gehoord, maar geen van hen herkende mij in verband met de misdaad. Daarom gaf het Hof op 13 oktober 2003 opdracht mij vrij te laten.

Maar nog voordat de beslissing van de rechtbank werd uitgevoerd, werd ik weer betrokken bij de ontvoering van toeristen in Dos Palmas Island Resort in Palawan op 27 mei 2001. Onder de 20 ontvoerde slachtoffers bevond zich de Amerikaanse Gracia Burnham. Toen de zaak voorkwam, kon weer geen van de ondervraagden, waaronder degenen die ontvoerd waren, tegen mij getuigen.

Op 2 juni 2001 ontvoerde de ASG een aantal werknemers van de Dr Jose Maria Torres Memorial Hospitaal in Basilan. Ze deden ook een inval in de Golden Harvest Farm en ontvoerden twee medewerkers op 11 juni 2001. Net als in de eerdere ontvoeringszaken zag geen van de getuigen enige betrokkenheid van mij bij een van de misdaden.

Op 30 juni 2005 werd ik voor de tweede maal vrijgesproken. Het hof eiste mijn vrijlating op diezelfde dag.

Ik voelde me in mijn recht gesteld en dacht dat ik weer in vrijheid met mijn gezin kon leven. Vanwege de traumatische herinneringen wilde mijn familie niet terug naar Basilan. We bleven in Taguig City. Drie jaar lang probeerde ik daar een baan te vinden om mijn gezin te onderhouden. Mijn twee zoons hielpen mij.

Op 28 november 2008, na een kerkdienst, pakten gewapende mannen mij op en sleepten me een wit busje in.

Familieleden hebben dagenlang naar mij gezocht, in militaire kampen en politiebureaus. Teneinde raad ging mijn zoon na vele dagen zoeken naar de Commissie voor de Rechten van de Mens (CHR) om het incident te melden en om hulp te vragen. Mijn zoon was ervan overtuigd, dat de politie iets te maken had met mijn verdwijning en ging samen met een vertegenwoordiger van de CHR terug naar het CIDG Hoofdkwartier in Kamp Crane.

De politie ontkende dat ik bij hen vastzat. Maar toen mijn zoon door een half geopende deur een ruimte inkeek, zag hij mijn slippers. Mijn zoon riep uit, dat hij mij in die kamer zag. Hij blokkeerde de deur voordat de bewakers hem konden sluiten. Samen met de CHR medewerker kregen ze de deur helemaal open. Zij zagen mij - bont en blauw geslagen.

Ze ontdekten, dat ik was ontvoerd door een team, samengesteld uit de CIDG en de Inlichtingendienst van de Filippijnse Marine. Ik zat in Kamp Crane tot januari 2009. Zonder dat mijn familie het wist, werd ik door de CIDG overgevlogen naar Zamboanga City en werd ik ondergebracht in de Basilan Regionale Gevangenis. Ik zat daar al, toen mijn familie pas werd ingelicht hierover.

Ik was gearresteerd vanwege twee ontvoeringszaken - de medewerkers van de Dr Jose Maria Torres Hospital en van de Golden Harvest Farm. Kennelijk was er na 10 jaar een kidnapslachtoffer, ene Faisal Binasing, opgedoken en had voor de rechtbank verklaard dat hij een van de ASG slachtoffers was en dat ik een van zijn ontvoerders zou zijn geweest.

De ontvoeringszaak van de medewerkers van het Jose Maria Torres Memorial Hospitaal komt voor in de Rechtbank van Hon. Judge Bucoy van Afdeling 2 RTC in Isabela City, Basilan. De zaak van de medewerkers van de Golden Forest Farm dient in de rechtbank van Hon. Judge Leo Principe van Afdeling 1, RTC eveneens in Isabela City. Mijn raadsman diende bij elk van de rechtbanken moties in om de zaken in te trekken, wegens dubbele vervolging. Op 17 juni 2009 steunde het Hof van Judge Bucoy van Afdeling 2 de motie. Voor de derde keer werd ik vrijgesproken en zou ik vrijkomen.

Maar tegelijk leidde dezelfde motie niet tot een gunstige uitspraak van Hon. Judge Leo Principe van Afdeling 1. Deze baseerde zijn uitspraak op de getuigenis van Faisal Binasing.

Mijn zaak was al onder de aandacht van Leila de Lima, toen nog commissaris van de CHR. Mijn familie stelde ook een brief op aan Pres. Noynoy Aquino met het verzoek mij vrij te laten. In juli 2011 sprak mijn zoon, samen met enkele mensenrechtenverdedigers, met secretaris de Lima over mijn zaak. Maar tot nu toe lijkt er geen uitzicht op vrijlating te zijn. Ik kwijn nog steeds weg in de gevangenis.