Wie was Romulo Kintanar?

Een officieel Geheim Agent van de Regering in Manilla

romulo_kintanarromulo_kintanar

Vertaald uit het Engels

Sinds 1992 was Romulo Kintanar als geheim agent in dienst van het leger en de politie. Als zodanig was hij dus combattant in de burgeroorlog tussen de Regering van de Republiek der Filippijnen (GRP)en de revolutionaire beweging van het Filippijnse volk, vertegenwoordigd door het Nationaal Democratisch Front van de Filippijnen (NDFP) in de vredesonderhandelingen tussen de GRP en het NDFP.

Niemand minder dan Gloria Macapagal Arroyo, de president van de GRP, heeft bevestigd dat Kintanar een geheim agent was van haar regering. De Philippine Star van 27 januari 2003, schreef in haar voorpagina artikel ‘NPA erkent aanslag op Kintanar’: “President Arroyo bevestigde dat Kintanar, tijdens de moordaanslag op hem, als geheim agent van de regering werkzaam was.”

Daarvoor, op 23 januari 2003, zei een functionaris van Arroyo’s Malacanang Paleis, dat Kintanar “een adviseur was van de PNP (politie) en van de AFP (strijdkrachten), maar dat hij zijn salaris ontving van het Bureau voor Immigratie en Deportatie (BID)” (Philippine Daily Inquirer, Breaking News, 24 January 2003, Communist Party Chief Blamed for Slay of Former NPA Head). Hij was ten tijde van zijn overlijden ook veiligheidsadviseur voor de National Electrification Administration (NEA).

Politie-kolonel Robert Delfin zette van maart tot augustus 1992 Ricardo Reyes in dezelfde cel waar Kintanar gevangen zat. Reyes was een renegaat van de CPP en al meer dan tien jaar daarvoor uit de partij gezet. Het was de bedoeling Kintanar tegen de revolutie te keren. Dat lukte.

Toen Kintanar in augustus 1992 werd vrijgelaten, vanwege een amnestie van de Manilla-regering, maakte hij bekend gebroken te hebben met de CPP. Hij ging werken voor de geheime diensten van de GRP. Maar hij raakte ook betrokken in de onderwereld van corrupte politie- en legerofficieren van de handel in beveiliging, gewapende overvallen, ontvoering en huurmoord en hij zette zelfs een eigen beveiligingsbedrijf op als dekmantel voor zijn activiteiten (Philippine Daily Inquirer, 24 January 2003, Ibid).

Samen met zijn oom, generaal Galileo Kintanar, onder Marcos hoofd van ISAFP, de geheime dienst van het leger, werd hij in verband gebracht met de moord op de filmster Nida Blanca en waren beiden bekend als lieden die tegen vergoeding wel iets voor je konden regelen met het leger of de politie. Twee dagen voor zijn dood was Kintanar, als een van de genodigden, nog gezien op een feestje van hoge politie-officieren, gegeven door politiechef generaal Hermogenes Ebdane ter gelegenheid van de 12e verjaardag van de National Capital Regional Police Office (NCRPO) (The Philippine Star, 24 January 2003, Ex-NPA Chieftain Slain). Op dat feestje was ook aanwezig Arturo Tabara, de leider van de RPA-gang, een veiligheidsdienst van de grootgrondbezitter en Marcos' vriend Eduardo Cojuangco in West-Negros.

In 2000 kreeg Kintanar de leiding van een samenzwering voor een moordaanslag op Prof. Jose Maria Sison in Nederland. Hij was toen inmiddels veiligheidsadviseur van generaal Alexander Aguirre geworden, de nationaal veiligheidsadviseur van de toenmalige president Joseph Estrada. Hij volgde orders op van generaal Panfilo Lacson, toentertijd het hoofd van de PNP (Manila Times, 24 January 2003, Ex-NPA Chief Assassinated Inside QC Restaurant). Hij deed ook aan observatie en andere “counter-insurgency” operaties van leger en politie tegen de CPP en het NPA.

Op het moment van zijn dood, had Kintanar twee lijfwachten bij zich en droeg hij drie vuurwapens: een .45 caliber pistool, een HK machine pistool en een Glock 9mm pistool (Philippine Daily Inquirer, 6 February 2003, Kintanar Lost Rolex, Cash, 3 Guns, Golf Set). Als geheim agent van de regering stond hij altijd gevechtsklaar tegen de revolutionaire beweging.

Kintanar was onloochenbaar een combattant. Hij was zwaar bewapend en gevaarlijk op het moment van zijn dood. Deze feiten zijn algemeen bekend in de Filippijnen, maar er zijn lieden in het buitenland die liever leugens verspreiden dan de waarheid vertellen over wat er gebeurt in de Filippijnen omdat zij de revolutionaire beweging van de Filippijnen in een kwaad daglicht willen stellen.