Op Internationale Vrouwendag dit jaar gedenken we een gevallen arbeider...

Joey Calugay
Secretaris Generaal BAYAN-Canada Nationaal Organisatie Comité

Vrijdag 27 februari, 2009

Toen ik vanmorgen opstond, kwam mijn 8-jarige zoon Russell het slechte nieuws vertellen. Hij was bij zijn oma geweest, die in een aangrenzend appartement woont en had daar ontbeten. Russell had een zorgelijke blik op zijn gezicht toen hij het nieuws vertelde, nadat hij eerst gevraagd had waar zijn moeder was. Omdat hij zo ernstig keek, verzekerde ik hem, dat zijn moeder boven in onze slaapkamer bezig was. Russell vertelde, dat Richard bij mijn moeder en mijn dochter Loren was en dat zij allemaal huilden toen hij daar weg ging. Melca Salvador, de moeder van Richard, was zojuist overleden na een lange strijd tegen kanker. Mijn moeder had haar gisteren nog bezocht in het Montreal General Hospital.

Mijn hart brak, hoewel we dit al enige tijd hadden zien aankomen. Melca heeft jarenlang tegen haar ziekte gevochten. Ze was een vechtster en ging nooit zonder strijd tenonder. Haar laatste weken lag ze in het ziekenhuis. Ik kon haar niet zien. Als filmmaker had ik samen met een aantal collega’s een aantal jaren geleden haar strijdbare karakter weten vast te leggen in een korte documentaire. Op die manier herinner ik mij haar en ik vond het erg moeilijk om haar nu verslagen en gebroken door de kanker te zien. Het is tekenend voor hoe regeringen omgaan met mensen. Ze besteden miljarden aan het voeren van oorlogen en sturen hun zonen en dochters naar verre landen om daar te sterven. Miljarden worden besteed aan het uitkopen van banken maar als het gaat om het redden van vrouwen met borstkanker, is er geen geld beschikbaar. Ik kan deze waanzin maar op één manier beschrijven - kapitalistisch barbarisme!

Ik kon alleen maar aan Richard denken en aan hoe hij zich moest voelen. Mijn moeder moet een telefoontje van het ziekenhuis hebben gekregen toen ze het ontbijt voor haar kleinkinderen en Richard klaar maakte.

Ik wilde meteen iedereen gaan schrijven..., allen die Melca in het verleden hebben gesteund. U moet weten dat Melca een migrantenwerker was, die streed om samen met haar toen 4-jarige zoon Richard in Canada te mogen blijven. Richard werd in Canada geboren toen Melca nog onder het Canadese Live-in Caregiver Program (LCP) viel. Omdat Richard in Canada was geboren, had hij recht om te blijven in het enige land ter wereld dat hij kende. Ongelukkigerwijs was Melca tijdens haar LCP status zwanger, had daardoor een aantal maanden niet gewerkt en kon zodoende ook niet voldoen aan de eisen van het LCP. Onder dit programma moet men binnen 3 jaar 24 maanden in het land gewerkt hebben om in aanmerking te komen voor een immigrantenstatus. Canada staat nu op het punt om het LCP-programma te beëindigen om de wortel van deze stok uit te roeien en zal binnenkort een tijdelijke status voor binnenlandse werkers instellen, zonder enig uitzicht op een officiële verblijfsvergunning. Zonder twijfel maatregelen die worden genomen om de grenzen te verscherpen in deze tijd van economische teruggang in dit monopoliekapitalistische land.

Ik wil nog meer vertellen over haar karakter, maar ik voel dat de woorden mij zomaar ontsnappen. Ik ben bang om haar onrecht te doen, maar ik zal het proberen en de lezer moet het mij maar niet kwalijk nemen...

Melca Salvador was een vrouw die uit haar land was verdreven door een semi-feodale en -koloniale staat, die niets te maken wil hebben met de werkelijke ontwikkeling van het volk. Ze werd door de Canadese staat gestraft vanwege haar zwangerschap. Zij werd als migrantenwerkster in Egypte uitgebuit en moest voor de autoriteiten daar vluchten, toen haar legale verblijfsvergunning was verlopen en ging bij haar toenmalige geliefde weg om naar Canada te gaan. Ze ontdekte dat ze 2 maanden zwanger was tijdens haar LCP contract en werd ontslagen. Maar zelfs toen ze na de geboorte van haar kind nog jaren had gewerkt en bijgedragen aan de Canadese economie, werd haar opgedragen het land te verlaten. Ze sloot zich aan bij PINAY - de Filippijnse Vrouwenorganisatie in Quebec. Met PINAY deed ze mee aan demonstraties tegen de Canadese mijnbouw praktijken in de Filippijnen, ze werkte aan het behoud van een opvanghuis voor vrouwen, huishoudelijke hulpen, en ze werd gekozen tot vice-voorzitter van PINAY in hetzelfde jaar dat ze haar uitwijzingsbevel kreeg. Met PINAY vocht zij samen met de andere vrouwen, migranten, vrienden en supporters een harde strijd voor gerechtigheid en zij won. Zij vocht voor zichzelf, voor andere migranten die in stilte leden en voor haar zoon Richard. Haar uitwijzingsbevel werd ingetrokken en zij mocht blijven op humanitaire gronden.

Zij was een trotse strijdster, een reden te meer om tegen mijn verleden te zeggen - je had het recht niet om mij te kleineren, mij te vertellen dat ik maar tweederangs ben, op mij neer te kijken omdat ik anders was...

Melca Salvador kwam net als ik uit de Filippijnen. Zij kwam uit een eenvoudig gezin dat voordurend moest worstelen om te overleven. Als migrantenkind in Canada werd ik gedwongen me de mindere van anderen te voelen, zoals vrouwen, kleurlingen en migrantenwerkers vandaag nog steeds gedwongen worden om zich minder dan de meeste anderen te voelen. Maar in de ogen van de werkende mensen die worstelen en de handen ineen slaan, zijn wij hetzelfde. Wij zijn gelijken. Onder hun gelederen vind ik troost, trots, waardigheid en rechtvaardigheid.

Begrijp me niet verkeerd, zij was niet perfekt, maar dat ben ik ook niet, dat is niemand. Maar alle dingen die haar tot een goed mens maakten, zijn dingen die mij doen wensen een beter persoon te worden. Hoe cliché dit ook mag klinken, de Melca Salvador’s van deze wereld maken dat ik een beter mens wil worden. En alleen al door hun gezelschap voel ik, dat ik het ben.

Nadat ik Russell naar school had gebracht, liep ik naar het huis van mijn moeder om mijn dochter Loren op te halen en naar school te brengen. Toen ik de deur bij mijn moeder open deed, zag ik Richard stilletjes en met roodomrande ogen op een keukentafel zitten. Hij keek naar mij op, wendde zijn blik af en liep naar de sofa om daar zijn gezicht in de kussens te begraven. Ik voelde me schuldig. Ik had deze laatste weken meer tijd vrij moeten maken voor hem. Ik had met hem mee moeten gaan naar het ziekenhuis om zijn moeder te bezoeken. Ik was een lafaard geweest, die Melca niet onder ogen wilde komen, die de dood niet onder ogen wilde komen. Ik had steeds tegen mezelf gezegd, ik zal gaan, ik zal gaan..., totdat het nu te laat is. Hoe kon ik het weer goed maken met Richard?

Toen ik Loren naar school bracht, vroeg ze: “Waarom is tita Melca dood?”

Hoe moest ik dit uitleggen aan mijn vijfjarige dochter? “Zij ging dood door haar gevecht tegen de kanker, liefje,” zei ik eenvoudig.

“En waarom moest zij altijd vechten?” wierp ze terug. Ik wachtte even, wist niet goed wat ik hierop moest zeggen.

“Zij vocht, zodat jij dat niet hoeft te doen. Zodat jij kunt opgroeien met waardigheid.” Na deze vrij zakelijke aanpak van de situatie, dacht ik dat ik gewoon verder kon gaan. Maar natuurlijk was dat een misrekening.

“Wat is waardigheid?” vroeg het stemmetje vanaf de achterbank.

Terwijl ik in de achteruitkijkspiegel naar haar keek, antwoordde ik, “Het is wat je in mijn ogen ziet, als ik naar je kijk, wat je voelt als mamma en ik je knuffelen en je laten merken dat we van jou houden.”

“O, is het dat,” zei ze onschuldig, “Ik wil ook vechten.”

Pure onschuldige logica!

En dat zal ik ook, mijn lieveling. Melca’s strijd hield niet op bij het intrekken van haar uitzettingsbevel. Om Melca Salvador te gedenken en om het een klein beetje goed te maken met Richard, zal ik mijn aandeel in deze strijd nemen. En dat zouden we allen moeten doen...

Ter gelegenheid van deze Internationale Vrouwendag eren wij een gevallen werker en roepen op tot:

Gerechtigheid voor Melca Salvador!
Gerechtigheid voor alle vrouwen! Gerechtigheid voor allen!
Voort met de strijd!
Makibaka! Wag matakot!


BAYAN-Canada is een alliantie van progressieve en anti-imperialistische Filippijnse organisaties in het buitenland

Op YouTube vindt u een filmpje over Melca Salvador.