130.000 Mensen op de Vlucht voor Oorlog

Wim de Ceukelaire

12 augustus 2008

Op het zuidelijke Filippijnse eiland Mindanao zijn 130.000 mensen op de vlucht sinds het regeringsleger moslimrebellen van het Moro Islamic Liberation Front (MILF) bombardeert. Men vreest voor een nieuwe humanitaire catastrofe.

De heropleving van het geweld in Mindanao komt enkele dagen nadat de Filippijnse presidente nog een doorbraak had aangekondigd in de onderhandelingen met het MILF. Op 28 juli, tijdens haar "State of the Nation Address", had Gloria Arroyo aangekondigd, dat overeenstemming was bereikt over de uitbreiding van een gebied waar de bevolking een zekere autonomie geniet. Het gaat om dorpen waar veel moslims wonen in het zuiden en westen van Mindanao.

Het akkoord over de uitbreiding van de Autonomous Region of Muslim Mindanao (ARMM) met meer dan 700 dorpen was een resultaat van de vredesonderhandelingen tussen de Filippijnse regering en het MILF. Het was echter zeer omstreden, omdat er geen enkele consultatie was geweest met andere actoren in het gebied. Zelfs de politieke bondgenoten van Arroyo, en naar verluidt ook bepaalde fracties in het MILF, voelden zich in snelheid genomen.

De ondertekening van het akkoord was gepland op dinsdag 5 augustus in Maleisië. De onderhandelaars en de vele genodigden die de ondertekening zouden bijwonen, moesten echter onverrichterzake naar de Filippijnen terugkeren. Het hooggerechtshof had immers beslist dat de ondertekening niet mocht doorgaan. Eerst moest uitgemaakt worden of het akkoord eigenlijk wel grondwettelijk was.

Twee dagen later gaf de minister van binnenlandse zaken aan het MILF het bevel om binnen 24 uur enkele gemeenten in de provincie North Cotabato te verlaten. Toen het ultimatum verstreek besloot het leger in te grijpen met luchtbombardementen en grondtroepen met de huidige stroom vluchtelingen tot gevolg.

Achter de schermen

Het conflict tussen de gewapende moslimguerilla en de Filippijnse regering sleept al lang. In 1996 werd een vredesakkoord getekend met een andere groep, het Moro National Liberation Front (MNLF). De ARMM was daar een gevolg van.

Het MILF kon zich echter niet neerleggen bij het akkoord en bleef verder vechten. Vooral onder de vorige president, Estrada, werd het hard aangepakt door het regeringsleger. Ook toen sloeg de bevolking massaal op de vlucht.

Sinds enkele jaren zijn er weer actieve vredesonderhandelingen tussen de regering en het MILF. De Verenigde Staten spelen daarbij een belangrijke rol achter de schermen. Dat is opmerkelijk want tot voor kort werd van het MILF gezegd dat het banden zou onderhouden met Jemaah Islamiyah en Abbu Sayyaf, twee gewapende groepen die door de Verenigde Staten als terroristisch gebrandmerkt worden.

Telkens als de onderhandelingen in het slop zaten, dreigde de Filippijnse regering om er bij de Verenigde Staten op aan te dringen ook het MILF op de terroristenlijst op te nemen. Intussen ging de Amerikaanse ambassadrice in de Filippijnen nochtans openlijk op bezoek bij de leiders van diezelfde rebellenbeweging in hun kampen op Filippijnse bodem. Zowel de wortel als de stok werden gebruikt om het MILF aan de onderhandelingstafel te houden.

Belangen

De actieve betrokkenheid van de Verenigde Staten in de onderhandelingen duidt erop, dat er grotere belangen in het spel zijn dan verzuchtingen naar autonomie of religieuze conflicten. Hoewel de VS geen officiële rol vervullen in de onderhandelingen, bracht het United States Institute of Peace (USIP) herhaaldelijk "decision makers" en "opinion makers" in Mindanao bij elkaar. USIP is een ‘vredesinstituut’ van het Amerikaanse congres waarvan alle bestuurders door de Amerikaanse president worden aangeduid. De bezoekjes van VS-ambassadrice Kenney aan de leiders van de rebellen getuigen dan weer van diplomatieke activiteiten op hoog niveau achter de schermen.

Het is geen geheim dat de Verenigde Staten hun zinnen hebben gezet op Mindanao als een uitvalsbasis voor hun militaire operaties in de regio. Sinds begin 2002 hebben ze permanent militairen ter plaatse. Die zijn er onder het mom van militaire oefeningen en advies in de bestrijding van terrorisme. Tegelijkertijd investeerden de VS zwaar in de bouw van infrastructuur. Het Amerikaanse leger heeft enkel nog een uitnodiging nodig om zich permanent in Mindanao te vestigen en een vredesakkoord zou daarvoor een mooie aanleiding bieden. Het MILF heeft in elk geval al laten weten dat het niet afkerig staat van de Amerikaanse aanwezigheid.

Ook presidente Gloria Arroyo heeft zo haar redenen om een vredesakkoord te willen forceren. Het zou haar een goede reden opleveren om de Filippijnse grondwet te wijzigen en het politiek systeem aan te passen zodat haar land een federale staat kan worden. Dat zou haar goed uitkomen, want ze kan zich niet meer verkiesbaar stellen als president. Dankzij een grondwetswijziging kan ze echter haar politieke toekomst veilig stellen door de beperking op de presidentiële ambtstermijn te schrappen of door een nieuwe post voor zichzelf te creëren als eerste minister.

En dan zijn er nog de natuurlijke rijkdommen van het gebied: mineralen, olie en gas. De aanslepende gewapende conflicten maken de ontginning ervan in de huidige omstandigheden zeer delicaat. Een vredesakkoord zou de nodige stabiliteit kunnen brengen. Bovendien bepaalt het voorliggende akkoord dat alle natuurlijke rijkdommen onder het beheer komen van het lokale bestuur in het autonome gebied. Het valt te vrezen dat de Verenigde Staten hun invloed in het vredesproces zullen aanwenden om ook deze natuurlijke rijkdommen onder controle te krijgen.

Grondoorzaken

De gouverneur van de provincie North Cotabato, die nochtans niet bekend staat om progressieve uitspraken, is zeer kritisch over de aanpak van de regering. "De overheid moet de grondoorzaak van de conflicten aanpakken: de armoede," zei gouverneur Piñol in een heldere bui. Een grondige landhervorming, waarbij iedere boer recht heeft op een stuk grond, is volgens hem de enige strategie om iets aan de armoede te doen.