Internationale Erkenning voor Inheemse Activiste Petra Macliing uit de Cordillera

Na meer dan 30 jaar een onuitputtelijke strijd gevoerd te hebben voor de bescherming van het inheemse recht op zelfbestuur en voorouderlijk land in het Cordillera-gebergte, krijgt de Igorota Petra Macliing eindelijk wereldwijde waardering voor haar moedige daden. Begin oktober 2009 werd zij verkozen tot één van de 9 award winnaars van de Women’s World Summit Foundation (WWSF) Laureate Prize for Rural Women 2009. Deze prijs wordt jaarlijks uitgereikt aan vrouwen wereldwijd die zich inzetten voor de ontwikkeling van rurale gemeenschappen, de bescherming van het milieu, het overbrengen van kennis en het verdedigen van de mensenrechten en vrede. Als één van de oprichtsters en leiders van de Cordillera Peoples Alliance (CPA), in 1984 opgericht in de Cordillera, vervult Moeder Petra een belangrijke rol op alle bovengenoemde fronten. Kort gezegd strijdt de CPA voor de erkenning van de etnische groepen in het Cordillera gebied, hun recht op zelfbeschikking en de bescherming van hun leefgebieden.

Met haar krachtige uiterlijk en kleurrijke tapis (handgeweven wikkelrok), die de etnische Kankana-ey groep van de Mountain Province kenmerkt, is Moeder Petra een waardig boegbeeld van de eeuwenlange strijd van inheemse Cordillera-gemeenschappen voor de bescherming van hun land en cultuur. Deze strijd begon tijdens de Spaanse koloniale tijd (1565-1898), toen Spaanse machthebbers het onherbergzame Cordillera-gebergte introkken op zoek naar goud en tabak. Vervolgens waren het de Amerikanen in het begin van de twintigste eeuw die de natuurlijke rijkdommen in het gebied exploiteerden door grootschalige houtkap- en mijnbouwbedrijven op te richten, waaronder Benguet Corporation. Tegenwoordig is het echter de eigen overheid die het op de grondstoffen van de Cordillera gemunt heeft en het gebied openstelt voor transnationale industrieën als grootschalige houtkap, mijnbouw en hydro-elektrische dammen. Terwijl deze industriële projecten de groeiende nationale en internationale economie voeden, vernietigen zij de leefomgeving van de lokale inheemse bewoners.

De eervolle titel ‘Moeder’ heeft Petra van haar stam gekregen in haar geboortedorp Mainit, gelegen in de buurt van de stad Bontoc in de Mountain Province. Dat zij deze titel dubbel en dik verdiend heeft, blijkt uit de lange lijst van moedige daden die zij op haar naam heeft staan. Samen met vele andere mannen en vrouwen zet Moeder Petra zich al sinds de jaren 70 in voor de verdediging van haar leefgebied tegen schadelijke overheidsprojecten. De vernietiging van het voorvaderlijke land van inheemse groeperingen staat volgens Cordillera-bewoners gelijk aan de vernietiging van hun eeuwenoude cultuur, die onlosmakelijk verbonden is met het verleden, de voorvaderen en het cultureel erfgoed. Om deze reden stond Moeder Petra, met vele andere vrouwen, vooraan bij barricades tegen het mijnbouwbedrijf Benguet Corporation in Mainit begin jaren 70. Daarnaast maakte zij eind jaren 70 deel uit van de grootschalige oppositie tegen het door de Wereld Bank gefinancierde Chico-dam project in de noordelijke Kalinga-provincie, waarbij er vier gigantische hydro-elektrische dammen in de Chico-rivier werden gebouwd.

Tijdens de strijd tegen de mijnbouwoperaties in Mainit gebruikten de vrouwen hun eigen lichamen als instrument om het personeel van Benguet Corporation te verjagen. Zoals in latere acties tegen mijnbouwprojecten in de Cordillera nog veel vaker zou gebeuren, stonden vrouwen vooraan in de barricades en confrontaties met het mijnbouwpersoneel. Moeder Petra illustreert hoe de vrouwen met hun acties succes wisten te boeken: “Omdat mannen sneller gewelddadig worden dan vrouwen, liepen de vrouwen vooraan in de menselijke barricades, met de mannen een stukje erachter. Al hadden we geen wapens, we hadden wel andere middelen. Met onze armen in elkaar gehaakt vroegen we het mijnbouwpersoneel om ons land te verlaten. Hoewel we enkel met vrouwen waren, gaf onze woede ons de kracht die we nodig hadden. We hebben hun kamp afgebrand en hun gereedschap stroomafwaarts in de rivier gegooid. Bij ons tweede bezoek aan het kamp hebben we zelfs al hun gereedschap meegenomen en naar hun kantoor in Bontoc gebracht zodat ze voor altijd bij onze bergen uit de buurt zouden blijven. Een andere strategie van de oudere vrouwen was om een traditionele vloek over de vijanden uit te spreken. Zo werden ze bang gemaakt. We waren zo vastberaden om het mijnbouwpersoneel te verjagen, dat we zelfs in hun geslachtsdelen knepen, zodat ze het uitschreeuwden van de pijn. Toen zijn ze vertrokken.”

Ook de Chico-dam strijd herinnert Moeder Petra zich nog als de dag van gister: “Het was de tijd van de Martial Law met een sterke militaire aanwezigheid in de Mountain Province en Kalinga, vooral in Bugnay. Ik was verantwoordelijk voor het organiseren van de vrouwen in mijn ili (dorp). Het leger en de overheid noemden ons communisten. Op een dag ben ik naar de barakken van de soldaten in Bontoc gegaan om met de soldaten te praten. De meesten van hen waren nog jong. Ik vroeg hen om ons met rust te laten zodat we onze rijstvelden konden bewerken. ‘Jullie werken om jezelf te voeden, maar wij werken om onze families te kunnen voeden, laat ons met rust’, zei ik”. Wederom vormde Moeder Petra samen met andere vrouwen een menselijke barricade om te voorkomen dat het nationale leger een aanval op protesterende dorpelingen zou doen. Op het moment dat het tot bloedige confrontaties tussen burgers en soldaten dreigde te komen, riep Moeder Petra de vrouwen op om hun bovenlichamen te ontbloten. Deze actiestrategie bleek effectief aangezien ze aversie, schaamte en paniek teweegbracht bij de soldaten en beveiligingsmannen en zij hard wegrenden.

Dat Moeder Petra’s doorzettingsvermogen niet alleen buitenshuis gestalte kreeg, blijkt uit het feit dat zij als jonge weduwe een gezin van 7 meisjes wist groot te brengen. Daarnaast was zij de eerste die in haar gemeenschap het gebruik van natuurlijke landbouwmethodes introduceerde. Door een mengeling van rijstafval met varkensmest te gebruiken als natuurlijke bemesting op haar rijstvelden in plaats van de gebruikelijke chemische kunstmest, liet zij aan andere boeren zien dat er ook op een duurzame en milieuvriendelijke wijze rijst verbouwd kan worden. Volgens Moeder Petra is het belangrijk dat inheemse gemeenschappen hun geërfde land beschermen, aangezien geld en goud in ruil voor de vernietiging van het land niet eetbaar zijn. Land is leven en ook de volgende generaties moeten de vruchten van dit land kunnen plukken.

De CPA en de vrouwenbeweging Innabuyog laten weten trots te zijn op hun dappere bondgenote en inspiratie te putten uit haar onverwoestbare inzet in de strijd voor de rechten van inheemse groepen in de Cordillera.

Zie ook: www.cpaphils.org